Geschiedenis van de afternoon tea

Engeland maakte voor het eerst kennis met thee op het moment dat de Portugese prinses Catherine of Braganza in 1662 in Portsmouth arriveerde om daar te trouwen met Koning Charles II. Eenmaal aangekomen was een kop thee het eerste dat ze wenste. De Engelsen waren hier compleet door verrast, zij kenden het fenomeen thee nog niet en ze hadden erop gerekend om een glas met licht bier aan te bieden. Gelukkig kon iemand van haar eigen gevolg  wel voor thee zorgen en was een schaamtevol moment voorkomen. De Engelse adel maakte hierdoor kennis met de thee. Binnen korte tijd werd dit dan ook een rage binnen de adel. Dit was weer goed voor de Oost- Indische Compagnie die vanaf dat moment thee naar Engeland exporteerde.

Het theedrinken breidde zich steeds meer uit, van de kleine boer tot de hoogste klasse van Engeland, iedereen dronk steeds vaker thee. Ondanks dat het fenomeen uit Portugal kwam wisten de Engelsen hun eigen draai te geven aan het theedrinken. Ze haalden theeservies uit China, voegden suiker en melk toe en maakten er een heel ‘theeritueel’ van.

Anna de 7e   hertogin van Bedford zou in het begin van de 19e eeuw hebben geklaagd over een hongerig gevoel in de late middag. In die tijd was het normaal om maar twee maaltijden per dag te gebruiken, ’s morgens ontbijt en diner rond 8 uur ´s avonds. De oplossing van het probleem van de hertogin was een pot thee met een lichte snack, die ze ’s middags in haar boudoir nuttigde.

Later werden er vrienden uitgenodigd om haar te vergezellen in haar kamers van Woburn Abbey. Dit bleek die zomer zo populair dat de hertogin dit bleef doen toen zij weer teruggekeerd was naar Londen. Ze stuurde kaarten naar haar vrienden met de vraag of ze haar wilden vergezellen voor `een kop thee en een wandeling door de omgeving´. Steeds meer adel en dames uit de hogere klassen namen deze gewoonte over.

Dit nieuwe gebruik werd al snel een gewoonte in het Engelse sociale leven. De afternoon tea werd rond 4 uur in de middag geserveerd aan de hogere klasse. De midden- en lagere klasse kon door hun werk pas rond 5 of 6 uur in de middag theedrinken met wat te eten erbij. Dit werd de high tea (‘High’ komt van de hoogte van de tafel, de high tea werd namelijk geserveerd aan de eettafel). De Engelse high tea bestond meestal uit een kop thee, groenten, kaas en soms was vlees. Variaties op de high tea waren ook nog een stuk quiche, aardappel of crackers erbij.

De afternoon tea was voor de hogere klasse een sociaal gebeuren, de high tea was juist meer een maaltijd in de 18e en 19e eeuw. De traditionele high tea bestaat nog steeds in sommige delen van Noord-Engeland en Schotland.

Tegen het einde van de 19e eeuw namen de hotels en elegante cafés de afternoon tea over. Op een gegeven moment rond de jaren 70 van de 20e eeuw veranderde het werkpatroon en daardoor ontstonden nieuwe sociale gewoontes (bv. fast-food). Maar in enkele hotels en kleine theewinkeltjes kon je nog iets terugvinden van de afternoon tea.

In de jaren 90 kwam de afternoon tea weer terug. Mensen wilden weer rustig met elkaar genieten van het samenzijn en hadden een verlangen naar nostalgie, kwaliteit en verwennerij. Thee werd nog steeds geïmporteerd, maar de afternoon tea zorgde er nu ook voor dat lokale producten gebruikt werden in de zelfgemaakte lekkernijen. De afternoon tea zoals die vroeger was is nu niet meer terug te vinden, maar de traditie is wel gebleven, het is nu alleen een traktatie en geen dagelijkse noodzaak meer.

(Bron: AFTERNOON TEA, Antony Wild en Simona Hill  en afternoontea.co.uk)